Algemene voorwaarden bieden ondernemers een belangrijk juridisch kader voor hun overeenkomsten. Toch betekent het enkele feit dat algemene voorwaarden van toepassing zijn niet dat ieder daarin opgenomen beding zonder meer standhoudt. Een recente uitspraak van de Hoge Raad laat zien dat een beroep op contractuele bepalingen onder omstandigheden kan worden beperkt wanneer dit naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is.
Algemene voorwaarden en de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid
In de betreffende zaak ontstond een geschil tussen een leverancier van clouddiensten en een zakelijke afnemer over de betaling van extra afgenomen diensten. Op grond van de toepasselijke algemene voorwaarden vorderde de leverancier naast de hoofdsom onder meer een contractuele rente van 1,5% per maand en ruim € 63.000,- aan buitengerechtelijke incassokosten.
De afnemer voerde aan dat toepassing van deze contractuele bepalingen, gelet op de omstandigheden van het geval, naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar was. Volgens de afnemer stonden met name de gevorderde incassokosten niet in verhouding tot de daadwerkelijk verrichte werkzaamheden.
Oordeel van de Hoge Raad
Het gerechtshof had de contractuele rente en incassokosten toegewezen, omdat de algemene voorwaarden tussen partijen van toepassing waren. De Hoge Raad oordeelde echter dat het hof onvoldoende was ingegaan op het verweer dat een beroep op deze bedingen in de gegeven omstandigheden onaanvaardbaar zou zijn. Daarom vernietigde de Hoge Raad het arrest en verwees de zaak naar een ander gerechtshof voor een nieuwe beoordeling.
De Hoge Raad heeft daarmee niet geoordeeld dat de betreffende bedingen ongeldig zijn of buiten toepassing moeten blijven. Wel bevestigt de uitspraak dat een rechter een beroep op de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid zorgvuldig moet beoordelen wanneer daarop gemotiveerd een beroep wordt gedaan.
Belang voor de praktijk
Deze uitspraak benadrukt dat algemene voorwaarden een belangrijk hulpmiddel blijven om afspraken vast te leggen, maar geen absolute bescherming bieden. Ook wanneer algemene voorwaarden rechtsgeldig van toepassing zijn, kan in uitzonderlijke gevallen worden geoordeeld dat een beroep op een specifiek beding niet gerechtvaardigd is.
Vooral contractuele bepalingen over rente, boetes en buitengerechtelijke incassokosten verdienen daarom aandacht. Niet alleen de formulering van deze bedingen is van belang, maar ook de vraag of toepassing ervan in de concrete omstandigheden redelijk en proportioneel is.
Conclusie
De uitspraak van de Hoge Raad onderstreept dat algemene voorwaarden hun waarde behouden, maar geen onbegrensde werking hebben. Ondernemers doen er verstandig aan hun algemene voorwaarden regelmatig te beoordelen en na te gaan of de daarin opgenomen bepalingen nog aansluiten bij de huidige praktijk en in een concreet geval goed verdedigbaar zijn.
Uitspraak: Hoge Raad 6 maart 2026, ECLI:NL:HR:2026:348